7 Tips voor scherpe foto’s

7 Tips voor scherpe foto’s, want niets is zo vervelend als een onscherp beeld. De tips zijn geschikt voor kleinere camera’s en spiegelreflex camera’s.

1. Druk de ellebogen tegen de zijkant van je lichaam. Leun – als het even kan – ook tegen iets aan.

2. Druk voorzichtig op de knop en klik tussen twee ademhalingen door.

3. Gebruik Auto Focus (AF). Druk de knop eerst half in tot je camera een piepje geeft. Je ziet dan vierkantjes op het scherm verschijnen. De plek van de vierkantjes is hetgeen dat door je camera zal worden scherpgesteld. Niet goed? Richt je camera dan op iets anders en herhaal bovenstaande stappen.

4. Zoom niet in als het niet hoeft. Inzoomen verergert de invloed van beweging.

5. Als je iets van dichtbij wilt fotograferen, is het handig om gebruik te maken van de macrostand (het tulpje).

6. De sluitertijd moet minstens de brandpuntafstand van je lens zijn. Dit vind je vaak op de lens zelf. Bij een 50mm lens is de sluitertijd dus minimaal 1/50 seconden en bij een 200mm lens, 1/200 seconden. Als je een bewegend onderwerp wilt ‘bevriezen’ is een sluitertijd van twee keer het brandpuntafstand nodig. Bij een 50mm lens dus 1/100 seconden en bij een 200mm lens 1/400 seconden.

7. Gebruik een statief.

Weet jij ook nog een goede tip voor scherpe foto’s? Laat het dan weten!